Over Cloud Computing
Naslag

Begrippenlijst

De termen die bij cloud computing het vaakst voorbijkomen, kort verklaard in gewone taal.

API
Een afspraak waarmee softwaresystemen onderling gegevens en functies uitwisselen, zonder dat de onderliggende werking bekend hoeft te zijn.
AVG
De Algemene verordening gegevensbescherming, de Europese wet die eisen stelt aan de verwerking en beveiliging van persoonsgegevens.
Container
Een verpakking van een applicatie samen met alles wat die nodig heeft om te draaien, zodat de applicatie zich overal hetzelfde gedraagt.
Datacenter
Een beveiligd gebouw vol servers, netwerk- en koelapparatuur waarin cloudaanbieders hun diensten laten draaien.
DevOps
Een werkwijze die de ontwikkeling en het beheer van software dichter bij elkaar brengt om sneller en betrouwbaarder op te leveren.
Disaster recovery
Het geheel aan maatregelen en procedures om een omgeving na een grote verstoring weer volledig werkend te krijgen.
Edge computing
Het verwerken van data dicht bij de plek waar die ontstaat, in plaats van in een centraal datacenter, om vertraging te beperken.
Hybride cloud
Een combinatie van publieke en private cloud, waarbij werklast wordt verdeeld naar wat per onderdeel het beste past.
IaaS
Infrastructuur als dienst: de aanbieder levert rekenkracht, opslag en netwerk, terwijl de afnemer daarop zelf software beheert.
Latentie
De vertraging tussen een verzoek en het antwoord, doorgaans gemeten in milliseconden. Lagere latentie betekent een snellere reactie.
Load balancing
Het verdelen van verkeer over meerdere servers, zodat geen enkele server overbelast raakt en de dienst beschikbaar blijft.
Multicloud
Het naast elkaar gebruiken van diensten van meerdere cloudaanbieders om afhankelijkheid van één partij te verminderen.
PaaS
Platform als dienst: de aanbieder levert een omgeving om software te bouwen en te draaien, zonder dat de afnemer de infrastructuur beheert.
Private cloud
Een cloudomgeving die exclusief voor één organisatie draait, met meer controle en isolatie tegen hogere kosten en meer beheer.
Publieke cloud
Gedeelde cloudinfrastructuur die een aanbieder aan meerdere afnemers levert, schaalbaar en met afrekening naar gebruik.
SaaS
Software als dienst: een kant-en-klare applicatie die via internet wordt gebruikt, waarbij de aanbieder onderhoud en updates verzorgt.
Schaalbaarheid
De mate waarin een omgeving mee kan groeien of krimpen met de vraag, zonder dat nieuwe hardware nodig is.
Serverless
Een model waarbij code alleen draait wanneer die wordt aangeroepen en de aanbieder automatisch de capaciteit regelt.
SLA
Een service level agreement: een afspraak over het niveau van een dienst, zoals de gegarandeerde beschikbaarheid en reactietijden.
Uptime
Het deel van de tijd dat een dienst beschikbaar is, vaak uitgedrukt in een percentage over een bepaalde periode.
Virtualisatie
De techniek om van één fysieke machine meerdere virtuele machines te maken die onafhankelijk van elkaar draaien.